Posts tagged ‘tachtigjarige oorlog’

Vertellen is boeien, en boeien is leren.

Het geschiedenisonderwijs maakt gebruik van tien “Tijdvakken” die elk getypeerd worden door “Kenmerkende aspecten”. Het is een poging om de oriëntatie in de geschiedenis te verduidelijken, welk tijdvak was er eerder, en de tijdvakken te duiden aan de hand van de belangrijkste ontwikkelingen. Net als de Canon van Nederland, die  hetzelfde poogt te doen, kan dit een belangrijk hulpmiddel zijn. En ja: elke structuur gaat ergens mank en er zijn dus voor- en tegenstanders van deze methodiek.

Ik was als student niet zo’n kei in het onthouden van feiten, en mijn smoes tegenover mijn hoogleraar was dan ook  dat “ik meer iemand was voor de grote lijnen”. Ik kreeg dan een bijzonder tactvol gestelde repliek: “dat is ook hééél belangrijk, maar wat heeft u aan grote lijnen als u ze niet met feiten kunt onderbouwen?”. BAM! Dus toch maar weer de Romeinse keizers en de pausen uit het hoofd geleerd.

Gaan we in het onderwijs onze kids dus grote lijnen bijbrengen, dan zullen er toch feitelijkheden aan te pas moeten komen. En dan komen we in het domein van de parate kennis, een tegenhanger van het streven naar oriëntatie-kennis. En de lesmethoden die ermee moeten werken bewandelen dan ook een middenweg. Niet teveel feiten, maar met tekst, tabellen, plaatjes met bijschriften, samenvattingen de leerling te lijf. En niet te vergeten de docent.

Wat te maken van het kenmerkend aspect “Ontstaan van handelskapitalisme en het begin van een wereldeconomie”?. Geplaatst in het tijdvak van “Regenten en vorsten”, ofwel de 17e eeuw. Je kunt het bijna niet abstracter formuleren. Vroeger leerde men “1602, VOC”, maar uiteraard komt ook nu de VOC volop in de hoofdstukken van de lesmethoden voor. Aandelenverkoop, specerijen, forten langs de weg naar de Oost. Maar het blijft toch wat ver van je bed.

En daarom ben ik zo’n groot voorstander van verhalen in de klas. Met een verhaal kun je de kenmerkende aspecten een gezicht geven, een context scheppen waar de dingen in elkaar grijpen. Waarom niet vertellen van de muiterij op de Batavia? Het geeft een beeld van hoe zo’n schip functioneerde, hoe lang het onderweg was, waarom men af en toe uit koers raakte en in Australië terecht kwam. Over de rauwdouwers op de schepen en over de harde hand van Jan Pieterszoon Coen. Een indrukwekkend verhaal kleurt zo’n “kenmerkend aspect” mooi in.

Bezoek het replica van de Batavia in Lelystad en de geschiedenis komt nog meer tot leven!

Om nog een voorbeeld te noemen:  het kenmerkend aspect uit het tijdvak van “Steden en Staten”, “Het begin van staatsvorming en centralisatie”. Vertel over de teloorgang van het graafschap Holland onder Jacoba van Beieren, als Philips de Goede  van Bourgondië alle gewesten onder één noemer brengt, de reden waarom later alles van de Spaanse koning zou worden. Een machteloze jonge gravin ten prooi aan ambitieuze edellieden en geldgebrek door aanhoudende (Hoekse en Kabeljauwse) twisten.  Het hoeft niet de versie van 1860 te zijn, haar verhaal kent vele updates.

Mits goed verteld zullen de verhalen, als aanvulling op de lesmethoden, de tijdvakken en hun “kenmerkende aspecten” meer tot leven brengen. En daarmee  meer boeien. En als de leerling geboeid raakt leert hij/zij beter. En die oriëntatie-kennis komt dan wel goed. De parate ook trouwens…

Stamboeck: De verhalen terug in de klas! www.stamboeck.nl
Volg Stamboeck op Facebook
Volg Stamboeck op Twitter

Advertenties

12 oktober 2011 at 5:02 pm 8 reacties

Anti-helden

Tussen alle mooie verhalen uit onze geschiedenis vinden we ook anti-helden, die desondanks alom vereerd worden. Genoeg in ieder geval voor meerdere standbeelden. Zo liep ik in Breda aan tegen een mooi voorbeeld. En nog wel een uit een van onze allermooiste verhalen: het Turfschip van Breda.

Het Turfschip van Breda is een absolute succes-story en heeft de glamour van het Paard van Troje. En dat succes blijft natuurlijk hangen in onze herinnering. Maar de voorbereiding liep niet helemaal vlekkeloos. En daar komt onze anti-held om de hoek.

Standbeeld van Adriaen van Bergen in Leur

Het idee om soldaten in een turfschip te verbergen is afkomstig van Adriaen van Bergen uit Leur. Hij was turfschipper en moest regelmatig turf brengen naar het Kasteel van Polanen waar de Spanjaarden hun plaatselijk hoofdkwartier hadden ingericht. Het kasteel was goed beveiligd, het was dus niet eenvoudig daar zomaar naar binnen te komen met een legertje soldaten. Het idee van Van Bergen sprak de jonge Maurits wel aan en het snode plan werd voorbereid.

Op 25 februari 1590 stond het legertje klaar om onder het turf verborgen naar het kasteel vervoerd te worden. Het wachten was op Adriaen van Bergen. Hij kwam te laat, had zich “verslapen”. De hele operatie moest een dag worden opgeschoven. De volgende dag echter durfde Adriaen niet meer. Twee neven van hem namen het over en Adriaen bleef thuis. De bedenker van het plan werd het kennelijk te heet onder de voeten.

“The rest is history”. Na een barre tocht onder het turf heeft het legertje van Maurits de Spanjaarden totaal verrast en Breda ingenomen. Een prachtig resultaat voor zo’n risicovolle onderneming.

Adriaen van Bergen heeft een standbeeld in Breda én een in zijn woonplaats Leur. Gelukkig is de geschiedenis mild voor deze fantasievolle, Homerische bedenker van het plan. Zonder hem was het Turfschip van Breda geen mooi verhaal geworden, maar het resultaat is ook zonder hem bereikt.

Stamboeck: De verhalen terug in de klas! www.stamboeck.nl
Volg Stamboeck op Facebook
Volg Stamboeck op Twitter

5 september 2011 at 10:25 am 2 reacties

Demo op de Dojo

Afgelopen maanden ben ik actief geweest met het benaderen van scholen voor het geven van demonstraties van Stamboeck Storyboard. Het ouderwetse handwerk: school bellen voor namen, persoonlijke brief met folder, nabellen. De scheef geplakte postzegel helpt in de marketing, respons omhoog. Helaas werkt dat niet zo bij docenten. Die bel je overdag en dan geven ze les of, lekker een tussenuurtje, zitten aan de koffie in de lerarenkamer. En dan zitten ze niet te wachten op een enthousiasteling die graag iets komt demonstreren. Het gaat niet als een mes door de boter, al zijn de responspercentages goed te noemen.

Van huis uit ben ik een Hagenees. En dan is het wel grappig om de scholen juist daar aan te schrijven. Scholen waarop ik zelf heb gezeten of waar vrienden zaten. Des te groter de teleurstelling als ze niet happen. Zaten daar in mijn tijd niet gepassioneerde vertellers als docent geschiedenis? Wat is daar nu van overgebleven?

Maar eentje hapte. Het Aloysius College. In mijn lagere schooltijd een Jezuïeten-jongensschool. Gerund door paters. Ik was aangenaam verrast.  Het Aloysius College was niet de school waar mijn vrienden zaten. Dan had je het toch over het Nederlandsch Lyceum, het Maerlant Lyceum, het VCL, het Haganum. Maar ik had wel degelijk een verleden bij het AC: de judoclub. Op de lagere school heb ik daar enkele jaren judoles gevolgd, en op toernooitjes ook vaantjes gewonnen! De judoclub lag in het souterrain van het patershuis, dus niet in de school zelf. De grote stimulator was ene broeder Niels, die altijd zittend in zijn rolstoel kwam kijken als er iets te winnen viel. In 1970 is de school samen gegaan met het Edith Stein College, de meisjesschool.

Nu kwam ik dus terug op die school, alhoewel ik nog nooit in het schoolgebouw zelf was geweest. En dat was een grote verrassing. Het gebouw is betrokken in 1925 en ademt nog steeds dat jaartal. Een immense hal die het midden houdt tussen de school van Harry Potter en een druipsteengrot. Indrukwekkend. De bezoeker voelt zich direct heel erg klein en waarschijnlijk was dat ook de bedoeling van de paters destijds.

De gangen zijn ook nooit opnieuw gedecoreerd, het gebouw is als monument behandeld (gelukkig). Lange gangen, grote klaslokalen. En in zo’n omgeving verwacht je echt geen digitale schoolborden. Eerder blackboards met krijttekeningen uit 1925, en schoolplaten. Maar dat was weer een verrassing, die digitale borden waren er dus wel. Modern onderwijs dus.

De demo verliep prima. Een enthousiaste sectie geschiedenis. Tijdens mijn demo houd ik een vurig pleidooi voor het vertellen van verhalen uit onze eigen geschiedenis, om de kenmerkende aspecten van de tijdvakken meer kleur en diepgang te geven. Maar wie vertelde ik dit? Er was wel een digitaal schoolbord, maar voor de klas staand grijnsden de platen van Isings mij tegemoet. Het Beleg van Den Bosch, de moord op Floris V, Willibrord in Utrecht. Dus toch. En als die er hangen, dan zit het met de vaderlandse geschiedenis wel goed op het AC! Niet op de manier van 1925. Duidelijk met de tijd mee, en waarom dan geen gebruik van die prachtige platen?.
We zaten duidelijk op één lijn. Dit keer geen judowedstrijd op het AC.

Stamboeck: De verhalen terug in de klas! www.stamboeck.nl

2 december 2010 at 11:38 am 6 reacties

De verhalen achter het landschap

Eergisteren ben ik met Jan Kloekke op stap gegaan om proefopnamen te maken voor filmpjes in Stamboeck Storyboard. Plaats van handeling: Den Bosch. Het filmpje gaat over de verovering van Den Bosch door Frederik Hendrik in 1629, en we hebben 5 locaties bezocht.

Het verhaal vertelt dat Frederik Hendrik in drie weken tijd een ruim 40 km lange dijk heeft laten aanleggen rondom Den Bosch, met de bedoeling Den Bosch te isoleren van de buitenwereld. Maar het diende nog een doel: het droogleggen van het moeras. Door het moeras was Den Bosch onoverwinnelijk, en heette daarom ook de Moerasdraak.

Het was een dag van verrassingen. Deze dijk was namelijk op de meest onverwachte plekken nog zichtbaar in het landschap. Het meeste verrassende vond ik een stukje oude Heinisdijk in een weiland tegenover het kantoor van Arcadis. Midden in het weiland lag een rug van zo’n 70 meter lang, alsof er een walvis begraven lag waarvan de rug net boven het maaiveld uit stak. Nietsvermoedende medewerkers van Arcadis, die in de middagpauze een luchtje scheppen, lopen er dagelijks langs en vragen zich hooguit af waarom dat weiland niet langzamerhand geëgaliseerd is. Maar hier ligt een restant van een staaltje 17e engineering dat zijn weerga in de wereld niet kende.

Den Bosch werd met een dijk omringd, buiten de dijk werden de riviertjes, die het moeras voedden, omgeleid in grachten, en met 23 rosmolens werd het moeras droog gepompt. Een militaire inpoldering, met Jan Adriaanszoon Leeghwater als een van de veldheren. Einde Moerasdraak.

Een prachtig verhaal, dat helemaal gaat leven als je die paar plekjes bezoekt die eraan herinneren zoals de Heinisdijk. Jan en ik hebben genoten van het verhaal, ondanks de 32 graden Celcius. Het is bovendien een prachtige excursie voor scholen. Dan komt het verhaal geheel tot leven, en vergeet de leerling het nooit meer.

22 juli 2010 at 9:08 am 1 reactie

Verhalen over de vaderlandse geschiedenis terug in de klas!

Als ik mijn dochters geschiedenis overhoor dan bekruipt mij het gevoel dat het vak geschiedenis in de lesmethoden alleen nog maar gaat over de grotere politieke en sociaal-economische bewegingen. Niks mis mee, maar wel saai. En geschiedenis is een vertel-vak. Waar zijn de verhalen over Kenau, Floris V, Jan van Schaffelaar en de Kruitramp van Leiden gebleven?

Het is een misvatting dat die verhalen “ouderwets” zijn en “onbelangrijk voor het grotere geheel”. Mits goed verteld kunnen deze verhalen de geest van de periode waarin zij spelen juist heel goed oproepen. Denk eens aan Leidens Ontzet. Hoe was het mogelijk Leiden via het water te ontzetten? Wat betekende het doorsteken van de dijken bij Rotterdam voor het land tussen Rotterdam en Leiden? Wat betekende de landscheiding tussen Hoogheemraadschap Delfland en Rijnland hierin? En wat als jij toevallig boer was en woonde tussen Delft en Den Haag? Was jij dan blijer met de geuzen dan met de Spanjaarden?

De vaderlandse geschiedenis stikt van deze verhalen, en ze horen tot ons historisch en cultureel erfgoed. Met de zoveelste hervorming van het onderwijs zullen deze verhalen, vrees ik, niet vanzelf meer terugkomen. Hopelijk geeft de Canon van Nederland hier een duwtje in de goede richting.

Gelukkig zijn er nog gepassioneerde vertellers onder de leraren. Zij dragen het vak en inspireren de leerlingen. Mijn hoop is gevestigd op hen.

12 maart 2010 at 11:00 am 3 reacties


Stamboeck

Alexander Luns

Stamboeck’s Blogs